*
****************


2000, Frankrijk

Regisseur: Mathieu Kassovitz

Cast: Jean Reno, Vincent Cassel, Nadia Farès, ...

Duur: 106 min.

Release: 27-09-2000

Verdeler: Columbia Tristar

Onderhoudende Amerikaans ogende thriller

Les Rivières Pourpres is een groots opgezette Franse onderneming met maar liefst vier productiemaatschappijen (Gaumont, Légende Entreprises, TF1 en Canal+), die het mogelijk hebben gemaakt een Europese thriller af te leveren in een haast onvervalste Amerikaanse stijl. Het eindresultaat is misschien geen se7en of Silence Of The Lambs maar hij mag in de filmkast gerust naast Kiss The Girls, Along Came A Spider of Hannibal staan. Met deze filmnamen zou u normaal door moeten hebben dat we in de trend van de seriemoordenaars zitten.

De film – gebaseerd op de bestsellerroman Red Blood Rivers van Jean-Christophe Grangé en voor niet-Franstaligen omgedoopt tot The Crimson Rivers – begint met twee parallelle verhalen die naarmate de film vordert naar elkaar toegroeien. Enerzijds bevinden we ons in de Franse Alpen, meer bepaald in de sombere elitaire universiteitsstad Guernon. Een op brutale wijze vermoorde man wordt op 150 meter hoogte door de vrouwelijke alpiniste Fanny Ferreira (Nadia Farès) in de foetushouding teruggevonden. Bij de autopsie blijkt dat de dader de handen heeft afgehakt, de ogen heeft uitgerukt, allerlei botten heeft gebroken, snijwonden aangebracht en dit terwijl het slachtoffer steeds bij bewustzijn was. Met zulk een voorval nog nooit meegemaakt, vraagt de lokale politie steun. Die komt van de uit Parijs afkomstige criminoloog Pierre Niemans (sinds Léon de bij het publiek geliefde, en eveneens hier uitstekend acterende Jean Reno), een gereputeerde maar in zichzelf gekeerde en voor honden bange commissaris die zijn onderzoeken alleen uitvoert (op de vraag waar de rest van het onderzoeksteam is, antwoordt hij “moi je suis l’équipe”). Zijn speurtocht leidt hem naar de universiteit van Guernon, een uiterst exclusief en broederlijk instituut die vooral professoren en hun kinderen bevat. De eugenetische slogan ‘een gezonde geest in een gezond lichaam’ wordt er nogal fascistisch begrepen. Gelijkenissen merken we dan ook met het ‘hilarische’ Franka Potente vehikel Anatomie. Anderzijds, enkele honderden kilometers daarvandaan, maken we kennis met een lokale politieagent, Max Kerkerian (Vincent Cassel; ook zijn workaholic vader Jean-Pierre Cassel (rond de 150 films op zijn actief) speelt een bijrol, evenals jaren ’70-babe Dominique Sanda). Hij onderzoekt de (neonazistische) grafschennis van een twintig jaar eerder overreden meisje en een inbraak in de plaatselijke school waar enkel de klasfoto’s van dat meisje zijn gestolen. De film flashes back and forth tussen deze twee agenten en deze twee verhaallijnen en laat ze – hiervoor krijgt de film al zijn krediet – pas in de tweede helft van de film samenlopen, waarbij Reno en Cassel een Europese se7enversie spelen van Freeman en Pitt. Spijtig genoeg wordt de nu ene verhaallijn dunner en komt het (slappe) einde ietwat geforceerd over.

Regisseur – en tevens co-scenarioschrijver (samen met Grangé) – van dienst is de nu 36-jarige Parijzenaar Mathieu Kassovitz. Hij schiep als regisseur vooral bekendheid met zijn film La Haine waarmee hij, naast een nominatie voor de Gouden Palm (dat hij later zou herhalen met Assissin(s)), de prijs van beste regie kreeg op het filmfestival van Cannes. Tevens won hij een César voor beste film. Daarnaast zullen velen onder jullie hem wel herkennen als acteur in een 25-tal films waaronder Le Fabuleux Destin d’Amélie Poulain, waarmee hij op het Cabourg Romantic Film Festival de prijs wegkaapte van beste acteur, The Fifth Element en Jacob The Liar.

Les Rivières Pourpres zelf kreeg liefst 5 Césarnominaties, waaronder beste regie (Kassovitz), beste cinematografie die van de hand is van de ervaren rot Thierry Arbogast (zie ook Femme Fatale, Léon, Kiss Of The Dragon,…) – nog nooit bleek een onschuldig bezoekje aan een knap architecturale bibliotheek gelijk te staan aan een kille, donkere kamer van hel waarbij door de lichtinval en de camerabeweging het precies is of iedere student een gezant is van satan; waar bij ons besneeuwde bergen gelijk staan voor skipret maakt Arbogast daarvan een plaats waar je verloren geraakt en nooit meer wordt teruggevonden; om kort te zijn: zijn combinatie van ijs, regen, duisternis geven je een voelbaar claustrofobisch gevoel – en (mijn zin continuerend) beste muziek (van de haast nog meer ervaren rot Bruno Coulais: reeds 86 filmscores sieren immers zijn palmares; hier levert hij een ‘omenachtige’ score af die gerust naar The Exorcist kan staan).

De film werd voor het eerst vertoond op 27 september 2000 in Frankrijk, om een dag later het San Sebastián Festival mee op te fleuren (kwestie van het chauvinisme hoog te houden). De film werd er trouwens genomineerd voor een Golden Seashell Award. Reeds op 4 oktober kon men ook in België de volledig in Frankrijk opgenomen film bewonderen. Ondertussen is er werk gemaakt van een vervolg dat luistert naar de naam Les Rivières Pourpres 2 – Les Anges de l’Apocalypse, opnieuw met Jean Reno maar zonder Vincent Cassel; misschien zit de opgelopen neusbreuk bij een gevechtsscène met enkele skinheads daar voor iets tussen. De regie is weggelegd voor de tamelijk onbekende Olivier Dahan terwijl het scenario komt van, hou u vast, Luc Besson. Op 28 januari 2004 zou hij in première gaan. Kan hij de kwaliteit van zijn voorganger evenaren dan levert men niet zozeer een topfilm af maar wel een film die zijn genre op een originele manier benadert en baadt in een akelige, duistere atmosfeer met schitterende cinematografische beelden maar waarbij het whodunit verhaal balanceert op een slappe koord.

Bruno Pletinck