*
****************
------

REGIE:
Oxide en Danny Pang



MET:
Lee Sin-Je (Mun)

Chutcha Rujnanon (Ling)

Lawrence Chou (Wah)

Candy Lo (zus van Mun)


Thailand-Hong Kong-Singapore-GB / 2001 / 98 min.


Verdeler:
Cinéart

Ik zie wat jij niet ziet

Terwijl talloze Japanse horrorfilms Hollywood inspireren tot een remake gaat het regisseursduo van The Eye duidelijk op zoek naar Amerikaanse voorbeelden. Vooral The Sixth Sense dringt zich op als vergelijkspunt, maar The Eye doet ook wat denken aan Blink en zelfs aan Ghost.

Op tweejarige leeftijd werd de in Hong Kong residerende Chinese Mun blind. Nu, 18 jaar later, zal ze dankzij een hoornvliestransplantatie eindelijk weer kunnen zien. Omdat Muns visuele geheugen een enorme achterstand heeft, krijgt ze psychologische bijstand van Wah die haar leert om te gaan met de overdaad aan indrukken. Mun merkt echter dat ze meer ziet dan andere mensen. Er duiken angstaanjagende zwarte figuren op in haar gezichtsveld en dat drijft haar bijna tot waanzin.

Wah reageert aanvankelijk sceptisch wanneer Mun hem tracht duidelijk te maken dat ze de geesten van doden ziet. Maar omdat hij verliefd is op zijn patiënte gaat hij toch op zoek naar de donor van het hoornvlies. Deze speurtocht drijft het duo naar Thailand. Blijkbaar behoorde het hoornvlies toe aan Ling, een meisje met paranormale gaven. Haar dorpsgenoten scholden haar uit voor heks, terwijl ze eigenlijk vooral wou waarschuwen voor nakend onheil. Nadat tientallen mensen omkomen bij een brand waarvoor Ling hen wou verwittigen, pleegt het meisje zelfmoord. Mun hoopt dat ze erin zal slagen de geest van Ling tot rust te laten komen.

The Eye is een psychologische thriller waarvan je niet meteen op het puntje van je stoel gaat zitten, maar die toch een drietal akelige momenten bevat. Rondwarende geesten zijn zo alompresent in hedendaagse cinema dat je al van goeden huize moet zijn om een overtuigende prent te maken over het thema. De Gebroers Oxide en Danny Pang pakken, net als in hun Bangkok Dangerous (1999), uit met een verbluffende visuele stijl. Ze maken daartoe opnieuw gebruik van de getalenteerde cinematograaf Decha Srimantra.

Vooral de eerste helft van deze thriller is sterk en gebald. De ronddwalende geesten zijn niet allen vredelievend en een korte scène tijdens de kalligrafieles en een tergende sequentie in de lift bezorgen je ongetwijfeld rillingen. Wanneer Mun en Wah dan naar Thailand trekken wordt het allemaal een stuk minder angstaanjagend en vallen de puzzelstukjes mooi in elkaar. De grote finale is zelfs behoorlijk voorspelbaar, al verdient het inventieve camerawerk van de Pang broers ook hier alle lof. Echte huiverfans zullen zich misschien wat ergeren aan de sentimentele intermezzo's in de film, toch loont The Eye best de moeite.

Kathy Mathys